Familie – door Esther Boek

“The family is the first essential cell of human society”.

Deze quote over familie, het laat de radertjes in mijn hoofd draaien als op hol geslagen Duracell konijntjes.
Een cel is het kleinste onderdeel van een organisme. Hoewel elke cel zijn eigen functie kan hebben, bevat elke cel ook dezelfde genetische informatie.
Een cel kan groeien, kan zich delen, maar kan ook dusdanig vervormen dat leven met deze cel een zware opgave, zoniet onmogelijk wordt.
Maar een cel is ook een ruimte waar mensen voor straf moeten zitten. Opgesloten worden tot een ander vindt dat deze persoon weer naar buiten mag, de vrijheid mag proeven, mag bewegen in zijn zelfgekozen ruimte.

Wanneer we het zo bekijken, hoe zit het dan met familie als eerste essentiële cel voor een menselijke samenleving? Is het iets om te behoeden, te behouden of te bevechten?
Nelleke en Helena, mijn personages uit De Perfecte Moeder, voor hen was familie iets dat ze beperkte, ook als ze niets fout hadden gedaan. Het beschadigde hen, woekerde in hun verleden en maakte hun heden een bijna onmogelijke opgave.
Toch was familie ook iets dat ze onvoorwaardelijke liefhadden of waar ze in elk geval graag bij wilden horen. Wiens fouten ze vergaven, door de vingers zagen, waar ze soms zelfs hun ogen voor sloten. Want wanneer je een deel bent van een familie, een cel in een groter organisme bent, heb je een functie. Ben je iemand.

Voor Anna, uit mijn debuut Geen Kind Meer, was het duidelijk dat familie essentieel is. Toen haar zoon, die ontstaan was uit haar eigen cel, door een grote politiemacht voor haar ogen uit haar huis werd gevoerd, ontketende de angst in zijn ogen ontploffingen in elke cel van haar lichaam. Haar zoon, die vastzat in een arrestantencel, kroop al haar lichaamscellen binnen en ketende zich vast in haar hart, waar zijn pijn de hare werd.
Waarheid ging ten onder aan overleven. Nergens blijkt onvoorwaardelijkheid meer, dan wanneer je kind beschuldigt wordt van een ernstig misdrijf. Nooit doet liefde zoveel pijn als wanneer dat wat uit jouw lichaam is ontstaan door mensen als een onbetrouwbare woekerende kwaadaardigheid wordt gezien.
Wanneer iemand van je gezin in één klap voor het leven beschadigt wordt, val je terug op de menselijke samenleving waarop je vertrouwd, je familie. Omdat zij uit hetzelfde genetische materiaal bestaan als jij.

Maar dan denk ik terug aan wie ik ben, grijp ik terug op de ervaring van Anna. Want wat de lezers van mijn debuut weten, is dat ik Anna ben.
Toen mijn zoon voor mijn ogen uit mijn huis werd gevoerd, was dit ook voor de ogen van mijn man.
Een man die ik koos als familie voor mijn oudste twee kinderen, maar wiens cellen geen enkele overeenkomst vertonen met de cellen van deze twee jongens.
Wanneer er geen gelijkheid van celmateriaal is, hoe kan dan familie de eerste essentiële cel voor een menselijke samenleving zijn?
Gaat liefde dieper dan genetisch materiaal? Kunnen cellen versmelten, ook al zouden ze biologisch gezien elkaar af moeten stoten? Het was de vraag die ik me stelde, toen ik Anna was. Een vraag ook, waarvoor geen ruimte was, op dat moment. Omdat het antwoord dat ook zou kunnen komen te pijnlijk was.
Enkele jaren later, Anna was inmiddels weer Esther geworden, liep een heel klein mannetje aan de hand van mijn zoon ons huis binnen. Genetisch gezien is hij niet van hem, zijn cellen kruipen niet door het bloed van deze kleine man. En daarmee behoort hij niet tot de cellen van onze familie. Toch kroop dit kindje naar mijn hart en ik naar het zijne. Wanneer hij me aan ziet komen met de auto, vliegt de voordeur open en rent hij op zijn korte beentjes en met wiebelend luierkontje, mij met wijd open armen tegemoet. Dan vliegt hij in mijn armen, overlaadt me met knuffels en laten onze armen onze lichamen versmelten.
Als hij voor de deur van mijn huis staat en ik de gang inloop, duikt hij omlaag zodat hij precies onder het matglas door kan kijken. Dan lichten zijn ogen op, als sterretjes aan de hemel, en breekt zijn lach zijn gezichtje open. Hij trommelt met beide vuistjes op het raam, ongeduldig, omdat hij naar zijn familie wil, waar hij genetisch gezien niet toe behoort.

The family is the first essential cell of human society. En waar die cel dan vandaan komt? Het is mij om het even. Als de ruimte waarin hij opgesloten zit maar je hart is.

 

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *